minimale en intersectorale gegevensset voor de toepassing van afzondering en fixatie

De toepassing van vrijheidsbeperkende en vrijheidsberovende maatregelen (VBM) in zorgvoorzieningen is bijzonder actueel. In tegenstelling tot de meeste Scandinavische, Angelsaksische landen, Duitsland en Nederland is over de toepassing van deze maatregelen in België geen wettelijk kader beschikbaar.

Zo min mogelijk, zo kort mogelijk en altijd veilig

In uitvoering van het Vlaamse beleid rond de toepassing van VBM worden sinds 2016 thematische inspecties gehouden in de verschillende sectoren en voorzieningen waar minderjarigen worden opgenomen. Naast kinderpsychiatrische afdelingen in psychiatrische en algemene ziekenhuizen in 2016 – 2017, kregen ook de gemeenschapsinstellingen voor minderjarigen, het Vlaams detentiecentrum, OOOC’s, proeftuinen en gehandicaptenzorg een thematische inspectie. Deze inspecties toonden aan dat de toepassing van VBM niet altijd in overeenstemming is met het internationale basisprincipe “Zo min mogelijk, zo kort mogelijk en altijd veilig”.

Het besluit van de inspectieronde

  1. Vrijheidsbeperkende en vrijheidsberovende maatregelen worden regelmatig toegepast in de kinderpsychiatrische afdelingen en gemeenschapsinstellingen.  In OOOC’s (Onthaal, Oriëntatie en Observatiecentra) en proeftuinen is gebruik hiervan eerder beperkt.
  2. De registratie van vrijheidsbeperkende en vrijheidsberovende maatregelen is niet sluitend. Onder meer door het gebrek aan een éénvormig begrippenkader en een onvolledige registratie. 
  3. De veiligheid tijdens de toepassing van deze maatregelen is niet altijd gegarandeerd onder meer door een gebrek aan toezicht en infrastructurele tekortkomingen.
  4. Er is nog een grote marge aan verbeterruimte op het vlak van preventie rond de toepassing van deze maatregelen. Zowel de individuele verslagen als de verschillende beleidsrapporten kan je terugvinden op de website van Zorginspectie 

Nood aan een gegevensset

Naar aanleiding van deze thematische inspecties werd aan ICOBA in het kader van het VIA 5 akkoord een budget toegewezen om in overleg met de verschillende sectoren uit jeugdzorg en geestelijke gezondheidszorg een wetenschappelijk onderbouwde gegevensset te ontwikkelen. Deze gegevensset moet toelaten om een goed zicht te krijgen op de toepassing, duur en frequentie van VBM. 

Samen sterk

Voorzieningen uit de jeugdhulp en geestelijke gezondheidszorg, Zorgnet – Icuro, Vlaams Welzijnsverbond, SOM, het Agentschap Zorg en Gezondheid, het Agentschap Jongerenwelzijn, Kind & Gezin, het Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, het steunpunt SAM, Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, vertegenwoordiging van het Vlaams wetenschappelijk forum en ICOBA hebben een projectgroep opgericht om een minimale en intersectorale gegevensset voor de toepassing van afzondering en fixatie, “Argus Vlaanderen”, te ontwikkelen en te implementeren. 

Argus Vlaanderen

Vrijheidsbeperking- en beroving kent vele vormen. Argus Vlaanderen beperkt zich tot de registratie van afzondering, fixatie, fysieke interventie, medicamenteuze fixatie, en vocht en/of voeding tegen de wil van de patiënt. In het kader van het kwaliteitsvol toepassen van vrijheidsbeperkende en vrijheidsberovende maatregelen werd een éénduidige begrippenkader opgesteld. Het gemeenschappelijk deel van dit begrippenkader, de stam, wordt als basis gebruikt voor de ontwikkeling en implementatie van Argus Vlaanderen. 

Met Argus Vlaanderen krijgen voorzieningen met gestandaardiseerde rapporten nuttige beleidsinformatie om hun beleid in het kader van de toepassing van VBM continue op te volgen. Deze gegevens kunnen gebruikt worden om voorzieningsspecifieke verbeterprojecten of projecten voor het reduceren van VBM op te starten.

Daarnaast verwachten we dat deze gegevens ook gebruikt  worden om afdelingen en voorzieningen onderling met elkaar te vergelijking. Op deze manier onstaat er een platform om goede praktijken met elkaar te delen. En een dialoog tussen de voorzieningen en de afdelingen op te starten. Tot slot kunnen deze resultaten ook beschikbaar gemaakt worden in het kader van maatschappelijke verantwoording over de toepassing van afzondering en fixatie.

Draai mee proef

Nog dit voorjaar wil ICOBA een eerste versie van dit register proefdraaien op 4 afdelingen van 4 verschillende voorzieningen. Voor deze testfase zoeken we kinderpsychiatrische diensten (zowel K diensten als FOR K diensten), proeftuinen, OOOC’s en en/of VAPH voorzieningen voor minderjarigen.

We nodigen jou uit, neem contact op met peter.cosemans@vivosocialprofit.org.